Meisjes naar school in Afghanistan

5 september 2016

Het was 1998 toen architect Sultan Ahmad Fayaz naar Nederland vluchtte. In 2004 sloegen hij en zijn ‘taalmaatje’ van VluchtelingenWerk Harrie van Abel de handen ineen om een project op te zetten in het thuisland van Fayaz: een meisjesschool. Inmiddels krijgen er 1.000 meisjes tussen de 6 en 18 jaar les op hun school!

 

Fayaz: “Via VluchtelingenWerk in Hilvarenbeek, waar ik met mijn gezin terechtkwam, hielpen Harrie en zijn vrouw ons met het leren van de Nederlandse taal. We konden het goed vinden en ik stelde voor om iets te doen aan onderwijs voor meisjes. Want nog steeds gaan een miljoen meisjes in Afghanistan niet naar school. In 2004 richtten we samen een stichting op. Ik had het plaatje van het gebouw al in mijn hoofd en begon met het ontwerp en het leggen van contacten in Afghanistan.”

2006-herat-meisjes

Van Abel: “Een aantal mensen uit Hilvarenbeek ging deel uitmaken van de werkgroep: architect Frank Doomen en onderwijskundige en islamoloog Henk van der Loo. Ook de Afghaanse journalist Zekrollah Naserie, en mijn vrouw sloten zich aan.” Fayaz en Doomen gingen in 2006 samen naar Afghanistan om de lokale omstandigheden, de veiligheid, het mogelijke lokale draagvlak en de haalbaarheid voor het plan te onderzoeken. Ze kregen goedkeuring van de lokale, regionale en landelijke overheid. “We startten met geld inzamelen en in 2008 kochten we de grond aan in Qasr-e Anbia. Dit is in de relatief veilige provincie Herat, in het noordwesten. In 2009 werd het basisschoolgedeelte officieel geopend. In 2013 is er ook middelbaar onderwijs bijgekomen en momenteel zijn we bezig met de laatste fase: onder andere extra klaslokalen, ruimtes voor de docenten en een bibliotheek.”

Fayaz: Het doet me goed dat we samen, met zoveel inspanningen, een school hebben kunnen neerzetten voor meisjes uit mijn thuisland. Ik heb inmiddels vier dochters en weet hoe belangrijk onderwijs voor meisjes is. Het zorgt voor onafhankelijkheid, ze worden weerbaarder, krachtiger. Het was jarenlang verboden voor meisjes in Afghanistan om naar school te gaan. Veel van de meiden die nu les hebben, zaten voorheen thuis en zouden zijn uitgehuwelijkt op hun zestiende. Naast hun eigen maatschappelijke ontwikkeling heeft onderwijs ook een belangrijke invloed op de opvoeding en de gezondheid van hun kinderen. Bovendien is onderwijs ook simpelweg een recht, zoals is vastgelegd in het Verdrag voor de Rechten van het Kind.”

“Het is een lang proces geweest van vallen en opstaan”

De eerste groep leerlingen heeft in 2011 een schooldiploma gehaald. Een aantal van hen werkt nu als onderwijsassistent op de school. Sommigen studeren zelfs door, zo gaan er inmiddels 30 meisjes naar de universiteit. Er zijn veel leerkrachten nodig in Afghanistan, dus docent worden is een goede optie. Of sociaal werker, bijvoorbeeld, want mannen mogen vreemde woningen niet in, vrouwen wel. Eén van de redenen dat ons project zo goed gelukt is, is dat Fayaz zo’n goede en bekende architect is in Afghanistan. Hij heeft niet alleen een goed ontwerp gemaakt, maar was daarnaast een grote motivator voor het lokale bouwteam. Zonder de inzet van Fayaz’ familie aldaar waren we nooit zo ver gekomen. Zijn nicht is de directrice van de school en Peikan, haar man, regelt alle lopende zaken daar met de overheid. Wij zijn trots op wat we met z’n allen hebben neergezet!”

Dit artikel is afkomstig uit ons Magazine september.

Meer dan een van onze projecten helpen?

Steun het werk van Wilde Ganzen